Montaigne over wisselvalligheid: de mens als onvoltooid symbool
Er bestaat een oud symbool dat veel vrijmetselaren kennen: de ruwe steen. Het verbeeldt de mens in zijn oorspronkelijke staat, onbewerkt en vol tegenstrijdigheden. Wanneer we het eerste essay uit Michel de Montaignes beroemde verzameling lezen, lijkt dit beeld bijna tastbaar te worden. In zijn beschouwing over de wisselvalligheid van onze handelingen toont de zestiende-eeuwse filosoof ons een spiegel waarin we onszelf herkennen als wezens die voortdurend veranderen, tegenstrijdig handelen, en daarmee misschien wel het meest menselijke laten zien dat er is. De kerngedachte: de mens als raadsel voor zichzelf Montaigne opent zijn essay met een scherpe observatie. Mensen die anderen willen beoordelen op basis van hun daden, stuiten op een fundamenteel probleem: onze handelingen spreken elkaar voortdurend tegen. Dezelfde persoon die vandaag moedig handelt, kan morgen laf blijken. Wie nu vrijgevig geeft, houdt later misschien krampachtig vast aan bezit. Voor Montaigne is dit geen moreel falen, maar een waarneming van de menselijke conditie zelf. De filosoof verzet zich tegen de neiging om mensen in vaste categorieën te plaatsen. Het etiket ‘dapper’ of ‘gierig’ doet geen recht aan de werkelijkheid. Wij zijn geen standbeelden van deugd of ondeugd, maar levende wezens die bewegen, wankelen en onszelf voortdurend opnieuw vormgeven. Dit […]