Montaigne over vriendschap: de ziel die zich vermengt

Vrijmetselarij - Montaigne over vriendschap: de ziel die zich vermengt

Kan vriendschap bestaan zonder dat twee zielen in elkaar oplossen? Michel de Montaigne stelde in zijn beroemde essay ‘Over de vriendschap’ dat echte verbondenheid verder reikt dan gezelschap, nut of zelfs liefde. Het is een versmelting waarbij het ‘ik’ en het ‘jij’ ophouden afzonderlijk te bestaan. Deze gedachte roept een ongemakkelijke vraag op voor iedereen die nadenkt over broederschap: is ware vriendschap überhaupt mogelijk met meer dan één persoon tegelijk?

De paradox van de unieke verbinding

Montaigne beschrijft zijn vriendschap met Étienne de La Boétie als iets dat alle andere relaties overstijgt. ‘Omdat hij het was, omdat ik het was’, schrijft hij, wanneer hem gevraagd wordt waarom deze band zo bijzonder was. Er bestaat geen verklaring, geen reden, geen nut dat deze vriendschap rechtvaardigt. Ze is simpelweg. Deze formulering suggereert dat werkelijke vriendschap niet kan worden gereproduceerd of vermenigvuldigd. Ze is per definitie enkelvoudig en onherhaalbaar.

Hier ontstaat spanning met het vrijmetselaarsideaal van broederschap. De loge presenteert zich als een gemeenschap van broeders die elkaar als gelijken ontmoeten, ongeacht maatschappelijke positie. Maar hoe verhoudt dit collectieve ideaal zich tot Montaignes overtuiging dat de diepste vriendschap exclusief is? Kan een broederschap van velen dezelfde intensiteit bereiken als de band tussen twee zielen die ‘zo volkomen in elkaar verstrengeld raken’ dat de naad onzichtbaar wordt?

Vriendschap als spiegel van het zelf

Montaigne zag in La Boétie niet slechts een metgezel, maar een spiegel waarin hij zichzelf helderder leerde kennen. De vriend functioneert als een ander bewustzijn dat ons terugkaatst wie we werkelijk zijn, inclusief onze gebreken en blinde vlekken. Dit spiegeleffect is geen bijzaak van vriendschap, maar haar kern. Zonder de eerlijke blik van de ander blijven we gevangen in zelfbedrog.

De vrijmetselarij kent een vergelijkbaar mechanisme. In de loge ontmoeten broeders elkaar op het scherpst van de snede, niet om te oordelen, maar om samen te groeien. De ruwe steen die elke vrijmetselaar symbolisch bewerkt, wordt niet alleen door eigen inspanning gladder. Het zijn de broeders die als spiegels fungeren, die ons confronteren met de oneffenheden die we zelf niet zien. Zelfreflectie, een van de pijlers van de maçonnieke praktijk, is dus geen solitaire bezigheid. Ze vereist de ander.

Ware vriendschap is geen keuze voor gezelschap, maar een keuze om gezien te worden in al je onvolmaaktheid.

De grenzen van nutsvriendschap

Montaigne maakt een scherp onderscheid tussen de vriendschap die hij met La Boétie deelde en andere vormen van verbondenheid. Relaties gebaseerd op nut, plezier of gewoonte noemt hij geen vriendschappen in de ware zin. Ze zijn breekbaar, afhankelijk van omstandigheden die buiten onze controle liggen. Zodra het nut wegvalt, verdampt de band. De ware vriendschap daarentegen blijft bestaan omdat ze op niets anders rust dan zichzelf.

Dit roept vragen op voor elke organisatie die broederschap claimt, inclusief de vrijmetselarij. Komt men bijeen uit overtuiging of uit gewoonte? Zoekt men werkelijk verbinding of slechts het comfort van gelijkgestemden? Montaigne zou wellicht sceptisch staan tegenover elke institutionele vorm van vriendschap. Tegelijkertijd erkent hij dat de meeste mensen nooit de uitzonderlijke band zullen ervaren die hij kende. Misschien is de broederschap van een loge geen vervanging voor Montaignes ideaal, maar een voorbereiding erop, een oefenplaats waar men leert wat het betekent om werkelijk open te staan voor de ander.

De zoektocht naar waarheid als gemeenschappelijke grond

Wat Montaigne en La Boétie verbond, was niet alleen genegenheid maar ook een gedeelde intellectuele honger. Beiden waren zoekers, denkers die het leven ondervroegen zonder genoegen te nemen met gemakkelijke antwoorden. Hun gesprekken waren geen tijdverdrijf maar gezamenlijke expedities naar inzicht. In die gedeelde zoektocht naar waarheid vonden zij elkaar.

De vrijmetselarij definieert zichzelf eveneens als een zoektocht, niet naar dogmatische antwoorden, maar naar licht en kennis. Het ritueel, de symbolen, de gesprekken in de loge dienen dit doel. Broeders delen niet noodzakelijk dezelfde overtuigingen, maar wel dezelfde bereidheid om te vragen, te twijfelen, te onderzoeken. In die zin zou Montaigne zich wellicht hebben herkend in de maçonnieke traditie: niet als organisatie, maar als houding ten opzichte van het bestaan.

Verlies en de onmogelijkheid van vervanging

Na de dood van La Boétie bleef Montaigne achter met een leegte die nooit meer gevuld zou worden. Hij schreef dat hij sindsdien slechts half leefde. De intensiteit van zijn verdriet getuigt van de diepte van de band. Geen nieuwe vriendschap, hoe waardevol ook, kon de plaats innemen van wat verloren was gegaan. Dit besef doortrekt het essay met een ondertoon van melancholie die contrasteert met de viering van vriendschap in het begin.

Voor vrijmetselaren, die broederschap als ideaal hooghoudem, biedt dit een ernstige les. De loge kan een thuis bieden, een plek van verbondenheid en groei. Maar ze kan niet garanderen dat men de zielsverwant vindt waarover Montaigne schrijft. Misschien ligt de wijsheid erin om beide vormen van verbinding te koesteren: de brede broederschap van gelijkgestemden én de openheid voor die ene, zeldzame ontmoeting die alles verandert.

Montaignes essay over vriendschap laat ons achter met een vraag die geen definitief antwoord verdraagt. Kunnen wij, in een gemeenschap van broeders, de diepte bereiken die hij beschrijft? Of moeten wij accepteren dat de broederschap een andere vorm van verbinding is, waardevol op haar eigen wijze, maar niet te verwarren met die ene versmelting van zielen? Misschien is het genoeg om te weten dat beide bestaan, en dat de ene de ander niet uitsluit maar verrijkt.


Ontvang de nieuwsbrief

In 18 informatieve e-mails krijg je wekelijks informatie over de Vrijmetselarij.

Copyright tekst & afbeelding: devrijmetselaar.nl
Teksten zijn naar idee en inhoud van de auteur van devrijmetselaar.nl en op fouten gecontroleerd, gecorrigeerd en aangevuld met behulp van OpenAi. Afbeeldingen zijn naar idee van de auteur van devrijmetselaar.nl gemaakt met gebruikmaking van OpenAi/Dall-E

Veelgestelde vragen

Wat bedoelt Montaigne met 'omdat hij het was, omdat ik het was' in zijn beschrijving van vriendschap?

Montaigne gebruikt deze formulering om aan te geven dat ware vriendschap geen verklaring, reden of nut nodig heeft. De vriendschap met Étienne de La Boétie bestaat simpelweg, zonder dat deze kan worden gerechtvaardigd of verklaard. Het is een volkomen unieke verbinding die niet kan worden gereproduceerd.

Kan vriendschap volgens Montaigne met meer dan één persoon tegelijk plaatsvinden?

Montaigne suggereert dat werkelijke vriendschap per definitie enkelvoudig en onherhaalbaar is. Omdat echte vriendschap een volledige versmelting van twee zielen vereist, kan deze niet worden vermenigvuldigd naar meerdere mensen. Dit roept spanning op met het vrijmetselaarsideaal van broederschap tussen velen.

Welke rol speelt de 'spiegel' in Montaignes begrip van vriendschap en hoe relateert dit aan vrijmetselarij?

Montaigne zag in zijn vriend een spiegel waarin hij zichzelf helderder leerde kennen en zijn blinde vlekken kon erkennen. In de vrijmetselarij functioneren broeders eveneens als spiegels voor elkaar om samen te groeien en zelfreflectie mogelijk te maken. Dit spiegeleffect is niet bijkomstig, maar vormt de kern van ware vriendschap.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*